Voor het Rotterdams Milieucentrum blijft de luchtkwaliteit een van de belangrijkste onderwerpen. Hoewel de afgelopen decennia de luchtkwaliteit sterk is verbeterd door verbeterde controles en regelgeving waardoor de industrie steeds betere methodes is gaan gebruiken om luchtvervuiling te voorkomen zijn de boosdoeners nu met name het auto – en vrachtverkeer. Ook de scheepvaart draagt bij aan een ongezond leefklimaat in onze stad. In de stad kennen we nog een aantal vuile knelpunten zoals de ’s Gravendijkwal, de Bentincklaan, de Pleinweg en het Weena. Hier worden de luchtkwaliteitsnormen vaak nog overschreden. Maatregelen blijven daarom nodig op het gebied van verkeer en de scheepvaart.

Luchtmeetnet

Via de website luchtmeetnet van de DCMR Milieudienst Rijnmond is de kwaliteit van de luchtkwaliteit goed te volgen: www.luchtmeetnet.nl.

Conferentie, aktie en advies

In een van de eerste conferenties over luchtkwaliteit in Rotterdam in 2003 zette het milieucentrum, mede dankzij de aanwezigheid en inbreng van het toenmalig Europees Parlementslid Alexander de Roo, de nieuwe Europese normen voor luchtkwaliteit flink op de politieke-kaart. Fijn stof (PM 10, PM 2.5 etc.) werd langzamerhand een begrip. Vele debatten en discussiebijeenkomsten over dit onderwerp volgden in de loop der jaren. Nog tijdens de Groene conferentie in december 2013 was luchtkwaliteit een hot item in het debat tussen de aanwezige politieke partijen die (op een enkele uitzondering na) soms verrassend eensgezind waren in hun aanpak. In de opmaat naar de gemeenteraadsverkiezingen in maart 2014 was de ‘Rotterdamse lucht’ regelmatig onderwerp van debat. In de door Milieudefensie en de Fietsersbond georganiseerde debatten in februari en maart werden er vele verkiezingsbeloftes gedaan over het verbeteren van de luchtkwaliteit in onze stad.

10 puntenplan

In 2004 bood het milieucentrum de gemeenteraad samen met stichting de Noordzee een 10 puntenplan aan over de luchtkwaliteit met de titel ‘Ieders Lucht’.  Ook voerde het milieucentrum publieksacties uit tijdens de Wereldhavendagen. In 2005 organiseerden het Milieucentrum in samenwerking met de stichting de Noordzee de internationale ‘Greenport conference’ over de luchtkwaliteit en scheepvaart. Een groot aantal mensen uit de scheepvaart – en havenwereld was hier te gast en wisselden kennis en informatie uit. De conferentie werd geopend door toenmalig havenwethouder Wim van Sluis (Leefbaar Rotterdam).

Clean Shipping

In 2007 stelde het Milieucentrum samen met 14 nationale – en internationale milieu – en natuurorganisaties het ‘Manifesto Clean Shipping’ samen. Deze korte maar krachtige oproep tot het creëren van duurzame havens en scheepvaart werd tijdens de Internationale Havenconferentie in de Doelen overhandigd aan toenmalig havenwethouder Mark Harbers (VVD) – zie foto -.

Ieders Lucht

Sinds de conferentie in 2003 werd luchtkwaliteit eigenlijk een permanent aandachtspunt voor het Milieucentrum. Hierbij probeert het Milieucentrum ook de Rotterdamse burgers meer bewust te maken. ‘Wat kun je zelf doen om de luchtkwaliteit in de stad te verbeteren?’. Maar er kwam ook een focus op de gezondheid en de schadelijke effecten van een slechte luchtkwaliteit. Samen met de gemeente organiseerde het Milieucentrum in 2007 en 2008 een (symbolische) Autovrije zondag dat door het (overgrote deel van het) publiek goed werd onthaald.

FLEX M

In het educatieve TV programma FLEX M van het Milieucentrum voor jongeren werd veel aandacht besteed aan luchtkwaliteit. Met het educatieve pakket ‘Ieders Lucht’ was het Milieucentrum de eerste organisatie in Nederland die een echt lespakket kon aanbieden aan het voortgezet onderwijs over dit onderwerp. Zie ook de website www.iederslucht.nl. Ook bij campagne’s als ‘opZuinig!’ koppelt het Milieucentrum energiebesparing juist aan luchtkwaliteit.

Videoclip

Het Milieucentrum produceerde i.s.m. Rotterdamse rapper ‘C1000’ ook de rap (en videoclip) ‘Rotterdam heeft schone lucht nodig …’. De rap en videoclip is onderdeel van het educatieve aanbod over luchtkwaliteit voor het voorgezet onderwijs en werd vele malen uitgezonden op o.a. Dnamc TV en diverse lokale TV-kanalen.